Reizen door je eigen brein: door de “wisdom barrier” heen

 

 

 

 

 

 

 

Reizen maken in je hoofd, hoeveel mensen doen dat niet elke dag? Als je denkt, voelt, hoopt, verlangt, lief hebt. Of als je bang bent, in paniek raakt, je zorgen maakt, wegduikt van waar je bang voor bent. Wat is het dat die gevoelens en emoties veroorzaakt? Ben je de angstige ik-figuur die vecht voor z’n overleven in een onbekende stroom van gebeurtenissen? Of juist omgedraaid: de blije mens die geniet van de stroom en `waar die stroom hem brengt?
Wie is deze reiziger, deze ‘ik’ figuur? Ben ik alleen? En dan die rare vraag: wáár of waarin speelt zich dit toch allemaal af? In wat voor ruimte zit ik als ik denk, voel, haat, liefheb? Zit ik mijn brein? En als ik niet niet in mijn brein zit, dus als is dynamisch ‘op reis’ ben, waar zit “ik” dan wel?

Het theater van het bewustzijn: ons eigen brein

Mijn beste statische beschrijving is ‘theater’. Ik zie een soort theater in mijn hoofd. Een theater met duizenden stemmingen, gedragen door gezichten zonder gelaat, beelden zonder beeld, zinnen zonder woorden. Alle ‘voorstellingen’ in dat theater zijn representaties: ze zijn er, wat “ze” ook is. Laten we het voorlopig ‘abstracte representaties’ noemen die zich tot elkaar verhouden en in wisselwerking staan met elkaar, in een dynamische taal die we niet kennen en die we noemen: de language of thought’. Je kan de voorstellingen niet pakken, niet aanraken.

Sterker nog: je bent en wordt ‘zelf’ niet eens ‘aangeraakt’, omdat je als het ware los komt te staan van je lichamelijke zelf. Je zit in een ruimte buiten jezelf, terwijl je weet dat die ruimte alleen maar kan bestaan doordat je er bent, in de fysieke wereld, als het lichaam en de persoon die gekend wordt in de realiteit van alledag.
Theater is een statische metafoor: je gaat naar het theater, je gaat zitten en je gaat kijken naar de voorstelling. Dit theater in je hoofd werkt echter anders. Het is een continu theater en je bent er altijd “in” als een soort toeschouwer op de eerste rij. Je bent tegelijkertijd deelnemer en zelfs hoofdrolspeler op het toneel. Je verhoud je tot anderen in constant wisselende contexten.

Én je bent (tot op zekere hoogte) de regisseur en choreograaf van wat op dat toneel gebeurt. Terwijl dat wat speelt de reis zelf is en je zelf naar die reis, naar dat pad dat de ziel beloopt, kan kijken. Het leven ís een reis, ís een pad door die onmetelijke ruimte die ik nu met ‘theater’ beschreven heb. Om daarmee aan te geven dat dit theater veel groter is dan we ons kunnen voorstellen en dat past in ons brein. Je zou het ook het een theater van de hyperrealiteit kunnen noemen. Het woord is afkomstig van de Franse socioloog Jean Baudrillard. Waarmee ik wil aangeven: de realiteit van dat bewustzijnstheater is bizar. Letterlijk alles kan, als we elkaar kunnen vinden in die bewuste ruimte.

De eerste stap in begrijpen waar we het hier over hebben, is om te gaan ontdekken hoe wij mensen zelf dat theater in ons eigen hoofd creëren. Hoe wij mensen zelf de regisseur zijn van wat er in dat hoofd gebeurt. Daarna kunnen we gaan begrijpen hoe wat theater in ons hoofd kunnen beïnvloeden. Om te gaan begrijpen dat we dan de werkelijkheid om ons heen veranderen.

Ons hoofd of ons brein werkt als een soort patatsnijder. Wat we zien is een construct dat de hersenen bedenken. Toch doen die hersenen dat maar op een beperkte manier zelf. Want als ‘ik’ er niet zou zijn,, zou er helemaal niks zijn. Hoe werkt dat dan?
Als ik dingen voel, waarom voel ik ze dan? Heb ik daar iets over te zeggen? Als ik dingen voel, komt dat dan omdat ik onder invloed sta van ‘iets’ dat mij beroert of ‘aanraakt?’ In ieder geval ‘raakt’, want anders zou ik niks voelen.
Wanneer is iets stress en wanneer is iets uitputting? Stress van wat dan? Uitputting van wat dan?
Als je geestelijk in de knoop zit ga je op zoek naar hulp. Nederland barst van de coaches. Huisdokters en psychiaters hebbend de antwoorden niet. Iedere coach vertelt wat anders. Iedere coach heeft z’n eigen patatsnijder aan het werk. Is dat erg? Neen, maar wel belangrijk dat je het weet. Er zijn geen waarheden. Er zijn alleen maar constructies van waarheden die je meer of minder vertrouwt.
Ik voel de hoog opgeleide cognitiepsychologen en gedragstherapeuten een beetje boos worden. Velen geloven ongetwijfeld dat het ‘waar’ of ‘goed’ is wat ze doen. De werkelijkheid is dat het allemaal goed bedoeld is, maar dat kennis van wat zich in het hoofd afspeelt, volledig ‘verzonnen’ wordt. Er is geen spat bewijs voor de modellen die nu door psychologen gehanteerd worden over hoe cognitie en gevoel ontstaan. Voor hoe ons geheugen werkt. En meteen erbij natuurlijk: net zo min als er bewijs is voor het psychologische model onderliggend aan dit boek. Wat we kunnen – konden – is eigenlijk alleen maar kijken naar wat is, naar objectief bevinden.
Elke dialoog tussen professionele coach en cliënt is een ‘game’, respectvol bedoeld hier. Alle inhouden zoals in de introductie benoemd en zoals in de bijgaande plaatjes gerepresenteerd, zijn onderdeel van het ritueel tussen coach en cliënt. Liever: zijn onderdeel van de zich ontvouwende interactie en ‘entanglement’, van de zich ontvouwende virtuele verstrengeling van mensen, anders zou er geen dialogische interactie zijn. Maar het blijft een spel waarin je keuzes maakt. Niets van dat spel, niets van dat ritueel ontstaat omdat de natuur keuzes maakt. Alles dat ontstaat is het gevolg van menselijk handelen waar menselijke betekenisgeving onder ligt.

‘Da Vinci Code’ van het bewustzijn

Het is een ongelooflijke ontdekking dat je een reis bewust door je hoofd kan maken en dat je dus ook de collectieve ruimte bewust in kan gaan. De ontdekking dat er inderdaad een ‘taal van de geest’ of een ‘language of thought’ bestaat. Dat er inderdaad systemen en fundamentele wetten bestaan die deze bewuste wereld reguleren.
So what? En nu? Helpt dat? Waarin, waarmee, waardoor, waarvoor? Wordt je er gelukkiger of rijker van?
Het eerste namelijk dat je ontdekt is dat die taal een krankzinnig complexe ‘da vinci code’ is. Een geheimtaal die we gaan ontsluieren als mensheid: beetje voor beetje. Dan ga je begrijpen wat voor onmetelijke rijkdom die language of thought ontsluiert. Ik durf het nog nauwelijks hardop te zeggen, maar we gaan leren dat alles wat in ons hoofd en tussen mensen gebeurt, zich voltrekt volgens wetten die we gaan leren kennen en we gaan zien hoe belangrijk “spins” zijn. Alles in ons hoofd zijn ‘toestanden’ die een bepaalde ‘draairichting’ hebben. Natuurkundigen gebruiken daarvoor graag het voorbeeld van een tol die linksom of rechtsom draait. Alle ons bekende natuur ontstaat doordat we een bepaald spinrichting delen.

 Als je die geheimtaal leert spreken – vertaald naar de realiteit van alledag en dan ben je echt úit die geheimzinnige ruimte – gaat je leven gemakkelijker en je word er een blijer mens van. Niet vanzelf, maar dat hoef ik hier niet uit te leggen. Wel met veel meer inzicht en realiteitszin.

De vraag die in dit boek centraal staat is ook de centrale vraag voor mezelf geweest. Hoe vertel je over die reis door je hoofd? Hoe maak je zichtbaar en mogelijk dat je zo’n reis ook letterlijk kunt maken en dat dit dadelijk ‘normaal’ is in de nieuwe wereld die onherroepelijk gaat ontstaan. En voordat mensen gaan denken dat die nieuwe wereld de hemel of iets dergelijks is, wil ik deze droom meteen en zo rücksichtslos mogelijk aan gruzelementen hakken. Die nieuwe wereld is een hoog technologische wereld waarin het allerbeste maar ook het aller slechtste van de mens niet alleen mogelijk is, maar ook gaat gebeuren, op een schaal die nooit eerder mogelijk was.

Reizen maken in je hoofd is reizen maken door die ongelooflijke virtuele ruimte die ons hoofd is, gecreëerd door onze eigen hersenen.

Reizen maken in je hoofd wordt spectaculair als je het samen kan doen. Je hoeft niet op reis zoals we in onze huidige wereld gewend zijn te reizen: lopend, fietsend, met de auto in de files, met vliegtuigen op druk bezette routes, op bekende locaties met bekende coördinaten waar vele anderen ook komen. Je neemt als het ware plaats in je eigen theater van bewustzijn en je laat gebeuren wat gebeurt. Want dat eigen theater van bewustzijn in  het eigen hoofd ís tegelijkertijd een theater van iedereen.

Ieder mens heft dat theater in zijn hoofd en het enige dat we ons moeten gaan realiseren: dat die individuele theaters op de een of andere manier logisch verbonden zijn en één “informatie en kennis ruimte” vormen. Één letterlijk grenzeloos virtueel, imaginair theater waarin ALLES mogelijk is.

Op die reis in dat theater vormen zich de woorden en beelden en er is nu een theorie die beschrijft hoe dat gebeurt. Hóe die “inhouden” ontstaan die we voelen of zien en in ieder geval ‘gewaarworden’ in dat theater van bewustzijn. Een theorie die verschrikkelijk abstract is en voor weinigen echt toegankelijk. Omdat het om formele taallogica gaat, om semantische en syntactische logica, om wiskunde en kwantum mechanica. De oplossing van probleem is echter erg simpel: vergeet die theorie. Die theorie is belangrijk voor de toepassingen, en dat op zich zelf is ook al weer een ontdekkingsreis.

Voor de gedachtereizen die we willen gaan maken is theorie helemaal niet nodig: die theorie zit namelijk al in ons hoofd, dus in de werking van onze hersenen. Doordat we gaan leren begrijpen waarom we doen wat we doen gaan we ook die complexe taal leren begrijpen.

Nieuwe kennis – de ‘wisdom barrier’

Een van de bijzondere ontdekking op de reis die dit boek beschrijft, is geweest dát er volkomen nieuwe kennis voor het oprapen ligt. En dát we door een ‘wisdom barrier’ heen moeten om dat te begrijpen. Dát is dus de grootste opdracht die ik me stel met het schrijven van dit boek: laten zien wat die wisdom barrrier is en hoe je die wisdom barrier  doorbreekt.

Ik maak om de verbeelding te prikkelen, gebruik van de metafoor van de geluidsbarrière. Die metafoor is niet zo gek.

Wat je namelijk leert is hoe wij mensen ‘gevangen’ zitten in wat ik systeem-1 noem (als eerbetoon aan Daniel Kahneman). Letterlijk is het zo dat als we leren de grens te doorbreken van systeem-1, de hele ruimte vrij komt. We gaan leren dat de wisdom barrier een barrière is die de materiële realiteit verbindt met de immateriële realiteit. In de terminoloogie van de kwamtummmechaniica is de wisdom barrier de overgang van de voorbereide kwantummechanische ‘toestand’ in een waargenomen realiteit. Ofwel: de wisdom barrrier is hetzelfde als ‘de collaps’ in de kwantum mechanica en hetzelfde als betekenisgeving in YX theorie. Alleen zeggen we daar nog niks mee.

Betekenis krijgen deze begrippen pas als we aan de lijve ervaren dat de overgang van voorbereide toestand in ‘gecollapste’ (neergeslagen) toestand, een natuurlijk proces is dat zich oneindig snel voltrekt in ons bewustzijn en een proces is  dat onze bewustwording creëert

Het probleem met nieuwe kennis is natuurlijk: hoe vertel je wat nog niemand weet? Het antwoord is natuurlijk ‘ontdekken’. Kennis is een ‘emergent’ begrip. Kennis ‘ontvouwt’ zich als je deze geheimzinnige ruimte met haar systemen 1, 2 en 3 (zoals we zullen zien) binnen gaat. Dat kan niet anders.  Je kan niet GEEN kennis opdoen, net zoals je niet NIET kan communiceren als je in die ruimte opereert.

Wat je wel nodig hebt en wat de reis in ieder geval gemakkelijker maakt is een taal-gids. Uiteindelijk is dat wat je doet als je die ruimte ingaat: taal ontwikkelen om het met elkaar te hebben over de dingen die niet “zijn” en toch bestaan. Het te hebben over het ontstaan in relatie tot het bestaan. Dat aanreiken van talige begrippen is een tweede doelstelling van dit boek. We reiken dus taallogica aan.

Als we gaan leren hoe onze bewustwording in elkaar steekt, gaan we leren om op een volkomen nieuwe manier de capaciteiten van ons brein te gebruiken.

Want wat die nieuwe taallogica laat zien, is dat onze hersenen over een onvoorstelbaar groot taal-vermogen en dus ‘intelligentie’ beschikken. Taalvermogen als het vermogen om betekenissen te creëren. Dit inzicht is een sprong ten opzichte van de huidige neurologische kennis. Ik kan me eigenlijk niet voorstellen dat er een indrukwekkender ontwikkeling is van de mens en de mensheid, dan de ontwikkeling waarin de mens leert zijn hersencapaciteit volledig te benutten. Dat de mens leert hoe kennis ontstaat en hoe dat ontstaansproces kan worden beïnvloed. Dit verhaal tart elke fantasie en dat weten en dat wisten vele sf-schrijvers en filmmakers natuurlijk ook.

Denk bijvoorbeeld aan de films Transcendence en Lucy, die een verzameling beelden geven waar velen al heel lang mee bezig zijn. Het blijft spectaculair: niet zozeer dat wat allemaal verteld en verbeeld wordt maar de gedachte dat het mogelijk is dat dat we totaal onderschatten wat onze hersenen kunnen. Terwijl de wetenschap van vandaag – bolwerk van deterministen en empiristen – doodeenvoudig zegt dat dit niet waar is. Wij mensen zijn niet meer dan die vormloze hoop grijze massa en honderd miljard neuronen. “That’s it”. Vergeet de rest, zeggen onze hersendeskundigen en dat zijn niet de geringsten. Een fabeltje is het voor de meeste ‘wetenschappers” dat de hersenen over dit soort capaciteiten zouden beschikken.

Laat me heel duidelijk zijn: het is de grootste onzin die wetenschap nu voortbrengt en het laat zien hoe wetenschap gevangen zit in “systeem-1” denken.

De systemen die werkzaam zijn in onze gewaarwording en dus in ons hoofd – systemen die ervoor zorgen dát we gewaarworden en dát we betekenis kunnen geven aan wat we gewaarworden – vormen één samenhangend geheel van mentale energie en mentale energiestromen. Al deze mentale, energetische wervelingen zijn ‘informatie wervelingen’ in één bewustzijnsruimte waarin letterlijk ‘alles’ plaatsvindt en naadloos in elkaar overgaat én naast elkaar kan bestaan.

Het is ongelooflijk dat we die ruimte nu tot onze beschikking krijgen.

Een ruimte die we totaal nog niet kennen, anders dan dat we onze eigen gevoelens en emoties ‘kennen’. Waarbij onmiddellijk dat woord ‘kennen’ oplicht. Want waar gaat kennen over en wat is dan kennis?
De koppeling van kennis in z’n donkere, absolute volledigheid aan het zelf, aan de ziel en zijn lichaam, is wat kennis authentiek maakt. Het heeft alleen maar zin om over kennis te praten als ‘de kenner’ die beschikt over ‘kennis’. Kennis van de bewustzijnsruimte, van de ruimte in ons hoofd die niet de realiteit is buiten ons hoofd. Kennis die mogelijk maakte dat ik mijn verhaal kon optekenen. Als één van oneindig veel vertellingen die ik had kunnen vertellen. Ik had totaal andere routes in die ruimte kunnen kiezen en dát is uiteindelijk de boodschap:

De ruimte die we nu leren kennen als mens, is een ruimte waarin letterlijk alles mogelijk is, alles aan het ‘ontstaan’ is.

 Een wereld die we maar voor een heel klein stukje van woorden en beelden kunnen voorzien: namelijk al die woorden en beelden uit wat we “systeem-1” noemen, onze bekende wereld. Onze gecollapste wereld die je als een soort omgekeerde horizon achter je laat als je op reis gaat in je hoofd. Dan ga je de grote onbekende ruimte in die ons ‘gevoel’ beschrijft, terwijl systeem-1 onze emoties en cognities beschrijft. Dus ons gemoed en onze stemming op een bepaald moment. In het plaatje hiernaast verbeeld ik met dat lichtverschijnsel de uitkomst van de collaps, van wat systeem-1 heeft voorbereid.

De reis die we maken begint dus met een soort omgekeerde ‘big bang’. Niet hoorbaar, geheel in het moment en je gemakkelijk ontglippend als je lichaam weer meester is van het universum van systeem-1. Die big bang haalt je uit de realiteit. Ik noem het daarom ook wel ‘de omgekeerde horizon’. In plaats van dat je eindeloos naar de horizon kan lopen – die alsmaar weer opschuift – om te ontdekken wat er achter de ‘einder’ zit, werkt deze horizon omgedraaid.

Op het moment dat je reis begint, laat je de horizon achter je. Het is alleen nog maar een streep licht geworden. Symbool voor wat ‘achter de horizon’ in ‘de realiteit’ neerslaat van wat in de wereld waarin we nu op reis zijn, is voorbereid. Het is de complete omdraaiing: we zitten in het alles, alles dat we gewaarworden als gedachte en onuitgesproken gevoel, nog zonder woorden en beelden. De wereld van de woordloze vertellingen en beeldloze beelden. Een talige wereld waarin we elk moment bestaan, zonder dat we de taal meester zijn. Talig omdat deze wereld de voorbereiding is van wat in de wereld achter die horizon neerslaat als gebeurtenissen en dus ‘dingen’ waar mensen over praten. Taal is het product van betekenisgeving. In de voorbereide wereld is de language of thought een heel ander ding: een conceptuele meta-taal.

Voor het eerst zit je als mens in de wereld die ik gewaarwording noem. Voor het eerst gaan we als mensen begrijpen wat er in die wereld van gevoelens en emoties speelt en hoe we tot onze emoties en gevoelens komen. Hoe emoties onze ‘gevangenis’ systeem-1 is. Hoe ‘gevoelens een te beperkt woord is voor wat we gaan ervaren als systeem-2 en -3. Hoe de drie systemen volkomen naadloos samenwerken in één ruimte van mentale energie. Hoe we helemaal niet vastzitten aan systeem-1.

Voor het eerst gaan we begrijpen dat we als mens in een “bewustzijnsbubbel” leven. Een bubbel waar we ook uit kunnen stappen als we willen.

We gaan fascinerende tijden in.